,

VUVB 003 – De Valkuilen Van Een Doe-Het-Zelf Belegger Met Martijn Rozemuller

de valkuilen van een doe-het-zelf belegger

In de derde aflevering van de VUVB podcast gaan we in gesprek met Martijn Rozemuller van Think ETF. Het gesprek gaat over de valkuilen van een doe-het-zelf belegger.

Kom erachter welke beheerder goed presteert en doe de vermogensbeheerscan.

In deze aflevering leer je:

  • Wat de valkuilen zijn van een Doe-Het-Zelf Belegger;
  • Waarom je het nieuws zoals een Brexit volledig links zou moeten;
  • Hoe belangrijk kosten zijn bij beleggen?
  • Waarom beleggers soms van een koude kermis thuiskomen en tussentijds proberen uit te stappen;
  • Waarom het belangrijk is om je beleggingsplan van te voren uit te stippelen;
  • Waarom je over de lange termijn veel beter kan beleggen dan sparen;
  • Wanneer je jouw vermogen het beste kunt uitbesteden aan een professional;
  • De reden waarom je emotie het beste kunt uitschakelen;
  • Waarom Doe-Het-Zelf beleggen moeilijker is dan het lijkt.

Genoemde links in deze aflevering:

Transcript van deze aflevering:

Dit is de VUVB Podcastshow met Maurice Flinterman aflevering nummer 3.

Welkom bij de VUVB Podcastshow, waarin je luistert naar experts die je voorzien van de beste informative, tips en tricks om het rendement op je vermogen te optimaliseren.

Vandaag gaan we in gesprek met Martijn Rozemuller. Martijn Rozemuller studeerde af in 1995 aan de Universiteit van Twente. Tijdens zijn studie technische bedrijfskunde was hij voorzitter van beleggingsstudieclub Duitenberg.

In 1995 ging hij werken bij handelshuis Optiver. En zowel bij Optiver als privé deed Martijn goede ervaringen op met ETF’s, ook wel indextrackers genoemd.

Zo ontstond het idee van Think-ETF, waarvan Martijn sinds de oprichting in 2008 directeur is.

In dit gesprek gaan we in op de valkuilen van doe-het-zelf-beleggers. Daarnaast geeft Martijn een aantal belangrijke tips die jou verder gaan helpen om jou vermogen verder te optimaliseren.

Waarom zijn kosten belangrijk? Hoe zou je je vermogen moeten spreiden? En zou je beter actief of passief kunnen beleggen?

Ik wens je heel veel luisterplezier!

Maurice:
Welkom Martijn Rozemuller

Martijn:
Dankjewel

Maurice:
Goedemorgen. Wat we vandaag gaan bespreken is het onderwerp: de valkuilen van een doe-het-zelf-belegger. Het wordt natuurlijk steeds makkelijker gemaakt en er zijn meer mogelijkheden om zelf aan de slag te gaan met je beleggingen. Tegenwoordig schaf je met een paar drukken op de knop een beleggingsrekening aan. En daar zitten dan ook gelijk de valkuilen, omdat je gemakkelijk tegen wat problemen aanloopt. Kun je daar wat meer over vertellen Martijn?

Martijn:
Jazeker, ik denk dat er zeker een aantal positieve ontwikkelingen zijn geweest de afgelopen 10 a 15 jaar, waardoor beleggers steeds gemakkelijker en goedkoper kunnen gaan beleggen. Op zich is dat natuurlijk een vooruitgang. Het is makkelijker en goedkoper geworden. Dan zou je denken, wat wil je nog meer? Ik denk dat het antwoord op ‘’wat wil je nog meer’’ een stukje begeleiding is.
Ik denk dat mensen zich vaak onvoldoende realiseren dat er a) een verschil is tussen beleggen en speculeren. Er stond overigens vandaag toevallig in het FD ook weer een stuk over generatie ‘’Why of the millennials” die toch eigenlijk te hoge verwachtingen hebben van wat ze kunnen verwachten qua rendement. En ook denken dat dit binnen een relatief korte periode behaald kan worden. En dat is jammer want als je met verkeerde verwachtingen ergens aan begint, dan valt het vaak tegen. Dus ik denk dat een aantal valkuilen zijn:
– Het vaak te positieve verwachtingspatroon, dat mensen die beleggen vaak snel enorme rendementen kunnen halen. En dat wordt eigenlijk een beetje (wat mij betreft) ingefluisterd door hoek van de industrie die met name speculatieve producten probeert aan te raden. Dat is eigenlijk een beetje de eerste valkuil waar ik over het algemeen voor waarschuw. Onderscheid goed het verschil tussen beleggen en speculeren.

Maurice:
En naast die valkuilen? Want speculeren, ik weet niet precies op welke hoek je dan doelt? Speculeren is natuurlijk een vrij breed begrip.

Martijn:
Wat ik met name dan bedoel zijn de aanbieders die mensen producten aanbieden waar leverage in zit met geleend geld. Die zijn natuurlijk al wat gevaarlijker.
Maar ook vanuit die gedachte worden mensen vaak een beetje op het verkeerde been gezet.
In de trant dat het idee erachter is dat je actief zou moeten handelen, dat je af en toe wisselingen zou moeten aanbrengen en dat je dan moet inspelen op een stijging misschien van Apple, en dan zou moeten inspelen op misschien een Brexit? En dan weer zou moeten inspelen op het feit dat het goud misschien wel omhoog gaat. Al dat soort actieve keuzes die werken vaak op lange termijn in het nadeel van de belegger en vooral in het voordeel van de hele financiële industrie. Dat vind ik wel een belangrijke valkuil. Ik ben er gewoon voorstander van eenvoudig beleggen. Ik ben een groot voorstander van het uiteraard laag houden van de kosten. Het aanbrengen van spreiding. Een van de grote voordelen van het feit dat beleggen laagdrempeliger geworden is, eenvoudiger en ook goedkoper, is dat je tijdens het beleggen ook beter een goede spreiding kunt aanbrengen in je portefeuille en daarmee je risico’s beperkt. Beleggen is denk ik voor een heel groot deel het voorkomen van grote tegenvallers. Een van de makkelijkste manieren om grote tegenvallers te voorkomen is ervoor zorgen dat je je niet teveel concentreert in een of enkele aandelen. Maar zelfs ook dat je je niet teveel concentreert in een of enkele vermogenscategorieën. Wat ik daarmee bedoel is dat mensen zouden eigenlijk moeten proberen om veel spreiding aan te brengen, maar ook spreiding tussen aandelen, staatsobligaties, bedrijfsobligaties, misschien een stuk beursgenoteerd vastgoed. Wellicht wat commodities en zeker ook niet te vergeten een goede cash-component in de portefeuille aan te houden.

Maurice:
Ja, want je geeft het zelf eigenlijk al aan. Spreiden, nou dat kun je natuurlijk op meerdere manieren doen. Ten eerste geef je aan, je moet het niet in individuele titels doen. Dat kan natuurlijk wel, maar dan moet je vermogen aanzienlijk zijn om dat te kunnen doen. Waar ligt wat jou betreft de grens?

Martijn:
Ik denk dat een van de goede ontwikkelingen van de afgelopen 10 a 15 jaar is de opkomst van ETF’s indexbeleggingsproducten. Waardoor niet alleen de kosten van transacties omlaag zijn gegaan. Niet alleen de systemen waarmee de transacties worden gedaan eenvoudiger geworden zijn. Maar ook het aanbrengen van spreiding over verschillende effecten is eenvoudiger geworden sinds de opkomst van ETF’s. je kan met een ETF wellicht 15 a 20 basispunten per jaar – dus dat is 5, 10 of 0,2% per beheervergoedingskosten – kan je al heel veel spreiding aanbrengen over vele honderden aandelen of obligaties. Daarmee kun je dus ook als kleine belegger tegenwoordig prima die risico’s onder controle houden waar dat vroeger vaak veel moeilijker was. Dat de ETF’s er toen nog niet waren of in veel mindere mate. En dat je dan toch genoodzaakt was om toch maar een beleggingsfonds te kopen. Dan had je wel wat meer spreiding, maar dan had je vaak weer het probleem dat je 1, 1,5 of 2% kosten moest betalen voor die spreiding binnen het fonds. De opkomst van de prijsvechters op het gebied de effectendienstverlening en de opkomst van de ETF’s. Als je die twee combineert, dan tegenwoordig een retail-belegger in staat om al vanaf laten we zeggen een paar duizend euro een goed gespreide portefeuille tegen redelijke kosten op te zetten. En eventueel zelfs met een paar honderd euro per maand ook kosten efficiënt daar steeds aan toe te voegen.

Maurice:
Dat is natuurlijk een belangrijk aspect. Je kunt vanaf een paar honderd euro eigenlijk al beginnen met beleggen, wat natuurlijk steeds interessanter wordt, omdat de spaarrente op dit moment extreem laag is. Aan de andere kant zie ik dat er ook wel wat nadelen aan kleven als ik in de praktijk kijk. Want stel iemand komt bij je, die heeft een bepaalde doelstelling. Je gaf het net al aan, dan kijk je bijvoorbeeld naar een aspect wat op korte termijn speelt waar beleggers dan vaak onrustig van worden. Je hebt natuurlijk als je gaat beleggen op de lange termijn een bepaald systeem nodig, een bepaalde structuur die je aanbrengt. Hoe zou je dat het beste kunnen inrichten? Stel dat je als doe-het-zelf-belegger aan de slag gaat, want je kunt een beleggingsrekening openen maar daarmee ben je er natuurlijk nog niet. Je kunt wat ETF’s aankopen, wereldwijd gespreid. Hoe zie jij dat precies?

Martijn:
Ik denk als je zelf wilt gaat beleggen, dat het heel belangrijk is dat je een goed plan opstelt. Met een plan bedoel ik in dit geval zowel qua verdeling – de asset mix eigenlijk – hoeveel wil ik in aandelen, hoeveel wil ik in obligaties? Dat kan je weer afleiden uit hoeveel risico wil je nemen. Waarbij een vuistregel is: hoe meer aandelen, hoe meer risico in je portefeuille. Maar dat plan moet ook toezien op de horizon die je hebt. Ik maak nog te vaak mee dan mensen die eind vorig jaar begonnen zijn met beleggen in februari of maart in dit jaar gestopt zijn omdat het de eerste maanden zo tegen viel. En dan denk ik ja, maar wacht! Als je begint met beleggen dan zou je je moeten realiseren dat beleggen voor de lange termijn is. Dat een horizon van 5, liever nog 10 jaar, eigenlijk te kort is om te gaan beleggen. Dan zou je eigenlijk nog beter kunnen sparen. Omdat ik ervan overtuigd ben, dat je op langere termijn – dus 10, 20 jaar – echt meer aan een goed gespreide beleggingsportefeuille hebt dan aan een spaarrekening. Maar dan moet je wel daadwerkelijk met jezelf afspreken dat je de discipline kan opbrengen om het echt aan te houden en niet na een paar maanden door een eventueel tegenvallende beurs de handdoek in de ring gooien, want dat is eigenlijk hoe de particuliere beleggen over het algemeen toch heel veel rendement kwijtraakt. Als het tegenzit, dan zijn ze geneigd om te gaan verkopen, want zie je het werkt niet… maar zodra dan die beurs opveert, dan denken ze opeens van ja, verdorie, dat werkte eigenlijk toch wel dat beleggen en dan stappen ze weer in. Maar op die manier raak je dus door te handelen eigenlijk een hoop rendement kwijt. Dus je moet met jezelf goede afspraken maken en proberen de discipline op te brengen en gewoon vasthouden aan een plan. Dat is makkelijk gezegd, dat realiseer ik me. Het is voor sommige mensen echt moeilijk om die emoties de baas te blijven. Maar het is wel de enige manier waarop beleggen echt zin heeft.

Maurice:
Ja, dus op de lange termijn eigenlijk elke maand wat toevoegen aan de portefeuille en dan vasthouden.

Martijn:
Ja en als ik daar het profiel van de groep die vanochtend in het artikel van de FD beschreven werd, de millennials bijhaalt, dus mensen tussen de 20 en 35. Stel je bent nu inderdaad 30 en je hebt nu een goed inkomen, je hebt iedere maand wel een paar honderd euro over, je hebt wellicht ook wel 5000 a 10.000 euro spaargeld. Als je dat nu belegt, en met name het stuk dat je niet nodig hebt voor eventuele onverwachte tegenvallers en je gaat iedere maand 200 of 300 euro bijbeleggen, en er zou eens een periode komen waarin die beurs zoals in 2008 een duikeling maakt van zo’n 40 a 45% en je bent wél in staat om je emoties de baas te blijven en je blijft stug doorgaan met iedere maand toch weer dan geld erin stoppen, dan zal je zien dat je op termijn echt een heel aardig rendement maakt. Op moment dat je inderdaad in 2008 besloten had de handdoek in de ring te gooien, dan is het met name nu als we terugkijken wel heel vervelend en heb je jezelf geen dienst bewezen. Dus op moment dat je begint met beleggen moet je je realiseren dat de beurs af en toe een flinke correctie kan vertonen. En je moet voor jezelf proberen na te gaan of je daarmee om kunt gaan. Hoe minder goed je denkt daarmee om te kunnen gaan, hoe beter je eraan doet om minder in aandelen te beleggen en op die manier proberen dat risico wat je minimaliseren. Maar je zult je moeten realiseren dat er altijd een stukje risico bij beleggen hoort en als je dat risico echt niet aan wil gaan, dan kun je beter blijven sparen.

Maurice:
En dan maar voor meer zekerheid gaan…

Martijn:
Inderdaad voor meer zekerheid gaan, waarbij ik er trouwens echt van overtuigd ben dat het je op de lange termijn uiteindelijk het minst op zal leveren. Maar als je echt niet met het risico om wil gaan, dan is het de enige optie die overblijft. Want hoewel sommige experts je anders willen doen geloven, beleggen gaat nu eenmaal gepaard met risico. Er is niemand die voor jou het marktrisico kan uitsluiten. Er zijn dan wel mensen die denken van ja, maar met die opties kan ik toch een heel groot deel wel uitsluiten. Dat klopt. Voor de premie die je voor de opties betaalt, die gaat van zo’n groot deel van je rendement opeten dat je uiteindelijk wel een heel mooi beschermde portefeuille hebt, maar bijna al je rendement weer uitgeeft aan de bescherming van je portefeuille. Dan schiet het ook niet heel erg op.

Maurice:
Ja, precies. En je hebt natuurlijk de discussie die je de laatste tijd vaak ziet. Waar we ook al eerder een interview, een podcast hebben gehad actief versus passief beleggen. En met actief beleggen bedoel ik dan een belegger die heel veel actieve keuzes maakt. Wat je zegt, Brexit? Komt het wel, komt het niet? Moet ik daar op handelen? Moet ik nu helemaal uitstappen met mijn beleggingen of juist blijven zitten? Jouw voorkeur heeft dus echt het passieve beleggen als ik je zo beluister.

Martijn:
Ja, dat klopt. Eigenlijk zelf op twee niveaus. ik denk dat de discussie actief versus Passief als het gaat om het beheer van beleggingsfondsen. Dat die discussie inmiddels redelijk uitgesproken is. Ik denk dat er nog maar weinig mensen zijn die denken dat je met actief beheer binnen een fonds echt op lange termijn de markt gaat verslaan. Academisch onderzoek toont keer op keer aan dat dat niet het geval is. Dat je beter kan kiezen voor gewoon een goede spreiding, kosten laag houden. En dat je dan het dichtst bij de index blijft, bij de markt. En dat, dat op de lange termijn het beste werkt. Wat tot op heden wat minder aandacht heeft gekregen is, hoe je vervolgens met dat soort producten omgaat binnen een portefeuille. En ik ben ervan overtuigd dat binnen die portefeuille eigenlijk hetzelfde geldt. Op het moment dat je met een aantal producten voldoende spreiding aanbrengt en je aan je plan houdt en een keer per jaar weliswaar een herweging doet, maar niet iedere maand probeert in te spelen op nieuwe ontwikkelingen. Dat je dan op lange termijn het beste resultaat haalt. Dus ik zou zeggen, kies een aantal goede gespreide passieve producten, ETF’s. kies voor jezelf een goede asset mix, dus de verdeling binnen de portefeuille, dus aandelen, obligaties, vastgoed een stuk cash, en probeer dan die verdeling ieder jaar misschien twee keer per jaar (maar ik zou echt niet vaker gaan dan dat) te herwegen. Dus kijk periodiek, dus elke 6 of 12 maanden naar het percentage dat je belegt bent in aandelen. Als dat meer is dan je eigenlijk zou willen, of met jezelf afgesproken had. Dan haal je daar bij het herwegen een stukje aandelen af. En dat zet je dan vervolgens in de categorie cash of obligaties. En op het moment dat je ziet dat het minder is, dus aandelenmarkten zouden gedaald zijn, dan kan je dus uit het stukje cash/obligaties wat vrij maken en wat in aandelen stoppen. Als je dat nou jaar in jaar uit doet, ben ik ervan overtuigd dat je op lange termijn het beste rendement haalt, omdat op moment dat je actief probeert in te spelen op wat er in de markt gebeurt, dan zal je toch vroeg of laat een keer een rally missen. Bijv. iemand had ingespeeld op Brexit. Stel dat donderdag blijft dat Engeland toch zal blijven. Ik heb geen verstand ervan dus ik weet niet wat er gaat gebeuren, maar ik weet wel dat het ja/nee kamp is ergens in de buurt van de 50-50. Dus dat betekent dat misschien de helft zou kiezen om voorlopig te liquideren en pas weer in te stappen na de Brexit. De andere helft doet het omgekeerde. Een van de twee groepen zit in ieder geval fout. En welke groep dat is weten we nu nog niet. Maar ik denk dat je op lange termijn dit soort gevallen beter kan blijven zitten omdat ik weet nog niet wat de volgende situatie gaat worden na Brexit, maar goed er komt vast wel weer iets over een paar maanden. Maar stel je zou nu de Brexit goed voorspellen, dan moet je ook de volgende situatie goed gaan voorspellen, en diegene daarna en diegene daarna. De kans dat je het iedere keer goed doet is heel klein. Dus je kan veel beter als je hebt besloten om te gaan beleggen, dan met je assetmix daarop inspelen, met het herwegen daarop inspelen. Want vergeet niet, als je belegt en er komt inderdaad een Brexit, stel de aandelenmarkten gaan omlaag, dat betekent in ieder geval dat je op je volgende herweegmoment een aantal aandelen gaat bijkopen. En stel dat dan de volgende big event wel goed afloopt, en dan gaan de beurzen opeens omhoog ipv omlaag. Dan moet je op dat volgende herweegmoment weer wat afbouwen, lees wat winst nemen. Dus ik denk nog steeds dan consistent je strategie volgen, dat geeft op lange termijn het beste resultaat.

Maurice:
Ja, precies. Dan is natuurlijk het volgende punt waar een belegger tegenaan loopt – want je zal de discussie van ga je het zelf doen, kan je het zelf doen of ga je het uitbesteden aan een adviseur – de adviseurs/vermogensbeheerders hebben de afgelopen jaren natuurlijk niet de beste naam, reputatie opgebouwd. Nu gaf je net zelf al aan, het is een belangrijk aspect dat je de kosten laag houdt. Alleen dat krijg je natuurlijk op een bepaald moment een omslagpunt. Want als doe-het-zelf-belegger gaf je net zelf al aan, moet je op best wat punten letten en je moet er echt een systeem voor jezelf van maken hoe je dat structureel voor jezelf op dezelfde manier moet doen. Waar ligt wat jou betreft het omslagpunt wat dan een professionele belegger, dat die de zaken allemaal voor je uit handen neemt. Waar ligt daar het omslagpunt qua kosten?

Martijn:
Ik ben er eerlijk gezegd niet heel erg van overtuigd dat dat een kostenkwestie is.
Ik denk dat het misschien nog wel meer een kwestie is van zelfkennis en van de mate waarin je zelf je emoties in bedwang denkt te kunnen houden. En op het moment dat je van jezelf weet dat je daar veel moeite mee hebt, dan zou je met name richting een beheerder kunnen kijken die je daarin begeleidt. Of een eventuele adviseur die daar coachend in is. En dat je daar dan idd een bepaald bedrag is kosten moet betalen, dat is dan een feit. Maar dat weegt misschien wel op tegen de fouten die je dan misschien zelf zou gaan maken geleid door je emoties. Waarbij je dan wel moet zorgen dat je een adviseur of een beheerder vindt, die dat ook een rule-based model volgt. Die dus ook zijn eigen emoties goed weet uit te sluiten, want anders raak je eigenlijk een beetje van de regen in de drup. En verder qua kosten… er zijn tegenwoordig diverse opties, structuren. Die beheerders nemen simpelweg geen klanten aan onder een bepaald bedrag. Omdat ze er anders niet voldoende aan kunnen verdienen en het niet efficiënt is. Andere beheerders kiezen voor verregaandere standaardisatie en kunnen daardoor meer klanten en ook meer kleinere klanten aannemen. Dus daar speelt dat probleem een beetje minder. Ik zou in ieder geval altijd op zoek gaan naar een model waarbij je vooral een stukje variabel betaalt. En als het even kan, en die zijn er wel, met een bepaalde cap. Omdat ik me kan voorstellen voor een beheerder of adviseur, is het niet rendabel als iemand met een dermate klein bedrag belegt, dat de procentuele beloning die je vraagt, als die bijv. 50 euro per jaar is, dan kan je moeilijk 3 gesprekken per jaar met iemand voeren. Dat er een bepaalde ondergrens is, dat begrijp ik heel goed. Tegelijkertijd zou er dan ook een bepaalde bovengrens moeten zijn. Want of iemand nu met 50.000 euro of met 5 miljoen belegt, ja op moment dat je 2 a 3 gesprekken per jaar wil hebben met iemand, dan zou je als je alleen procentueel beloont en niet een cap aanbrengt, dan zou je in het ene geval toch veel meer verdienen dan in het andere geval en dat is misschien ook niet realistisch. Daar zit een bepaalde trade off. Ik denk dat er met een beetje speurwerk er tegenwoordig hele aardige prijs-kwaliteit oplossingen te vinden zijn. Ja die in ieder geval die rol van coaching of het emotioneel begeleiden helpen. Ik denk echt dat daar de grootste meerwaarde zit, want zelf een asset mix bepalen en die ook beheren is in theorie niet zo moeilijk. Behalve dan dat je je emotie in bedwang moet houden. En daar kan die beheerder of adviseur een grote rol spelen.

Maurice:
Natuurlijk die emotie, maar aan de andere kant ook – dat merk ik ook bij sommige beleggers die het ook in de eerste instantie zelf wilde gaan doen, en dan vervolgens bij ons terecht komen en zeggen: oké, ik heb een beleggingsrekening. Dan kun je kiezen uit honderden fondsen of wat jij al zegt ETF’s. Ja, welke ga je selecteren? En hoe zorg je ervoor dat je bijvoorbeeld geen overlap in die portefeuille hebt. Daarop aansluitend als je dan wel op zoek gaat naar, van oké ik ga het niet zelf doen, ik besteed het uit aan een professional. Dan kan je dat op twee manieren doen. Op basis van advies of dat je zegt, ik geef het volledig uit handen. Wat zijn wat jou betreft drie belangrijke tips voor het zoeken naar zo’n partij? Hoe zou je dat zelf voor je eigen vermogen doen?

Martijn:
Ik denk dat het belangrijkste is dat je in ieder geval met de partijen waarmee je dan overweegt in zee te gaan, echt even een goed gesprek hebt. Want wat ik net ook zei, ik ben ervan overtuigd dat het stukje coaching, het begeleiden en het zorgen dat er niet door emoties verkeerde beslissingen worden genomen, dat dat het belangrijkste is. En dat betekent dus dat je bij een partij terecht moet komen waarbij je ook echt het gevoel hebt dat er een klik is. Het gevoel dat je zo iemand goed kan vertrouwen en dat het gewoon aansluit zeg maar. Ik denk dat dat heel belangrijk is. Daarnaast uiteraard de prijs. Ik denk dat er uiteraard een meerwaarde zit in als je als belegger goed begeleid wordt en dat daar dus ook een tarief bij hoort, maar ik denk dat het belangrijk is dat dat tarief redelijk is. En dat dat met name voor jou zelf als belegger goed voelt. Dat je een beetje probeert na te denken over. Oké, hoeveel uren per jaar zal ik deze beheerder of adviseur gaan spreken? En als we zijn tariefstructuur volgen, wat zouden we dan betalen en vind ik dat een redelijk uurtarief. En k denk dat iedereen daar voor zichzelf wel een beetje een beeld bij heeft. En tot slot zou ik willen kijken naar ervaringen van anderen. Het is steeds makkelijker denk ik om op internet wat ervaringen terug te vinden die andere beleggers hebben opgedaan bij de verschillende aanbieders. Dat is natuurlijk niet altijd zaligmakend, want dat zijn persoonlijke meningen. Maar op het moment dat je bij een bepaalde beheerder juist hele positieve of hele negatieve recensies leest, ja dan is dat ook wel een teken aan de wand. Dus ik zou daar ook zeker naar kijken.

Maurice:
Ja en dan is het denk ik ook een belangrijke aanvulling dat het ook begrijpelijk is voor de belegger zelf. Dat je in bepaalde beleggingen belegt die je zelf begrijpt. En dat als de adviseur het uitlegt, dat het dan geen hokus-pokes is.

Martijn:
Nou, ik denk dat dat zelfs om twee redenen belangrijk is. Ten eerste als de adviseur of beheerder niet kan uitleggen waar hij in belegt, dan zou ik argwanend worden want dan is hij of niet zo goed in zijn vak, want je snapt iets pas echt goed als je het goed kan uitleggen. Of hij wil niet uitleggen waar hij precies in belegt, dat lijkt me ook niet zo’n heel goed teken. Dus ik denk inderdaad dat dat heel belangrijk is. Maar ook om de volgende reden, namelijk dat als zij het goed kunnen uitleggen, dan zijn het waarschijnlijk ook de wat meer eenvoudige producten die die gebruikt. En er zijn heel veel dienstverleningen en producten waarbij geld dat iets wat duur is, vaak beter is. En bij beleggen is het vaak omgekeerd. De eenvoudige, goedkope producten doen het op termijn vaak het best. En die zijn vaak op termijn ook het minst complex. Dus als jouw beheerder of adviseur gebruik maakt van eenvoudige, goedkope, transparante producten die hij goed kan uitleggen, dan is dat een voordeel. Op moment dat die gebruikt maakt van toch wat ingewikkeldere complexen en oplossingen die vaak ook wat duurder zijn, dan vind ik dat over het algemeen toch een beetje een negatieve associatie. Ik denk dat over het algemeen eenvoud en lage kosten op termijn het beste werkt. Zodra het complex en duur wordt, qua producten, dan moet je ook wel een beetje argwanend worden.

Maurice:
Ja, precies. Ik denk dat dat inderdaad een goede aanvulling is. Zodat mensen daarin in ieder geval goed op zoek kunnen. Ik moet wel zeggen dat op dit moment online niet zo heel veel ervaringen te vinden zijn van klanten van vermogensbeheerders. Ja, als je het aan een vermogensbeheerder zelf vraagt: heb je twee a drie recensies van klanten? Dan nemen ze natuurlijk de beste uit het klantenbestand. En vragen ze of je daar wat aan hebt.

Martijn:
Daar heb je gelijk in inderdaad. En zeker dat laatste voorbeeld, daar zou ik niet al te veel op willen varen. En het probleem is nu natuurlijk een beetje dat de generatie die nu klanten zijn bij die vermogensbeheerders, over het algemeen niet de generatie is die heel actief is op allerlei fora, dat is vaak meer de jongere groep. Maar er is wel iets te vinden en ik denk wel de komende jaren zal dat steeds makkelijker worden, want naar mate er meer mensen van de huidige generatie ervaringen gaan opdoen bij adviseurs, die zullen dat wat meer gaan delen op internet. En dan wordt het voor de volgende groep weer makkelijker om daar een objectief beeld bij te krijgen.

Maurice:
Ja, precies. Martijn, jij bent natuurlijk al een hele tijd in deze sector actief.

Martijn:
Ja, inmiddels wel.

Maurice:
Als je kijkt naar jouw belangrijkste levensles die jij hebt geleerd, dan wil ik daarmee afsluiten omdat het anders te lang gaat worden. Wat is nou de belangrijkste levensles die jij in jouw werkzame leven hebt gekregen, die jouw wereld volledig op zijn kop heeft gezet?

Martijn:
Dan zou ik willen samenvatten: probeer niet de illusie te hebben dat jij het beter weet dan de rest van de wereld. En dat komt eigenlijk voort uit het volgende. Ik heb na mijn studie technische bedrijfskunde aan de Universiteit van Twente, ben ik begonnen als handelaar op de optiebeurs. En een van de fondsen waar ik verantwoordelijk voor was, was Ahold. En ik wild dus heel veel van Ahold. Ik verdiepte me in jaarverslagen en in de kwartaalberichten en probeerde alles te weten te komen wat er te weten was over Ahold. Dus ik had ook wel het idee dat ik ook veel meer dan de gemiddelde belegger wist van Ahold. Ik ben in 2003 net zo verrast geweest als iedereen toen bleek dat Ahold in Amerika een boekhoudschandaal aan zijn vingers had. En toen ben ik me gaan realiseren dat je simpelweg niet alles kan weten. En dat met name dit soort onverwachte dingen die je van te voren niet had kunnen weten, die hebben vaak de meeste impact op de aandelenkoersen. En eigenlijk is voor mij daar het zaadje geplant voor mijn voorliefde voor indexbeleggen. Omdat indexbeleggen zich juist afzet tegen het willen kiezen voor de beste aandelen. Indexbeleggen zegt eigenlijk van ja, je kan toch nooit de beste kiezen dus zorg gewoon dat je de hele index kiest, dan heb je voldoende spreiding. En tuurlijk, dat had daar dan ook in gezeten, maar dat had je dan nauwelijks geraakt. Eigenlijk is dat een beetje mijn levensles. Nederigheid, realiseer je dat je toch nooit alles kan weten of alles goed kan interpreteren. Dus concentreer je op wat je wel in je eigen hand hebt, namelijk het aanbrengen van voldoende spreiding, zorg dat de kosten laag blijven en vooral niet teveel handelingen. Beperkt dat tot 1 of 2 jaarlijkse herweging. Dat was een beetje de achtergrond waarom ik tegenwoordig doe wat ik doe, namelijk het maken van ETF’s. En ook zelf in mijn privé-situatie ook echt op die manier beleg. Mijn portefeuille bestaat uit een aantal ETFs. Ik heb voor mezelf een bepaalde assetmix afgesproken en daar ga ik 1 of 2 keer per jaar nog eens een keer naar kijken om te zien of ik moet herwegen. En verder probeer ik er ook echt met mijn vingers af te blijven en dat gaat wel steeds beter door de jaren heen.

Maurice:
Ja, het klinkt heel simpel. Alleen in de praktijk ben ik van mening dat het toch best lastiger is dan het soms lijkt. Totdat je inderdaad duidelijke afspraken met jezelf maakt. Dan wordt het toch makkelijker, maar het blijft zeker een uitdaging.

Martijn:
Dat is absoluut waar. Het is ook niet voor niets dat wij sinds een aantal jaren op onze website een aantal voorbeeldportefeuilles laten zien, waarbij we dan de mensen op die manier een beetje proberen te helpen met het samenstellen van zo’n portefeuille. En omdat we weten dat zelfs dat nog best lastig is hebben we sinds eind vorig jaar een drietal producten die als gestandaardiseerde oplossing een passieve portefeuille maar dan verpakt in een ETF, voor de mensen die zelfs dat nog wel lastig vinden om dat zelf te doen. Dus ik denk gewoon, er zijn verschillende groepen die op een verschillende manier bediend moeten worden. Er is een groep die het prima zelf kan, er is een groep die daar wat hulp bij nodig heeft. Er is een groep die graag daar hulp bij heeft, en die hulp kan je op een aantal manieren bieden. Dat kan zijn door advies te geven, dat kan zijn door beheer te nemen of door gewoon een kant en klare beursgenoteerde oplossing zoals een Think-Total-Market aan te bieden.

Maurice:
Ik denk hele zinvolle tips die je hebt gegeven in ieder geval. Ik hoop dat het voor beleggers de keus wat makkelijker maakt om op te varen, welke richting ze op gaan.

Martijn:
Ik hoop ook dat dit daaraan bijdraagt. En wellicht hebben we toch weer een aantal mensen daarmee verder geholpen.

Maurice:
Ja, dat hoop ik ook. Martijn, hartstikke bedankt voor je tijd en moeite.

Martijn:
Heel graag gedaan. Ik vond het leuk om mee te werken. Ik hoop dat het een positief effect heeft.

Maurice:
Mooi, we spreken elkaar in de toekomst.

Martijn:
Prima! Fijne dag. Tot ziens.

Bedankt voor het luisteren naar onze podcast over de valkuilen van een doe-het-zelf-belegger.
Mocht je tegen problemen aanlopen met beleggen of de keuze voor een vermogensbeheerder bij doe-het-zelf-belegger, ga dan naar
www.vuvb.nl/beleggen.

Aan de hand daarvan nemen we telefonisch contact met je op en gaan we kijken wat de mogelijkheden zijn. Tot de volgende keer!