,

VUVB 005 – Waarom Wordt Risico Bij Beleggen Regelmatig Onderschat Met Loege Schilder

waarom risico wordt onderschat bij beleggen

 

In de vijfde aflevering van de VUVB podcast gaan we in gesprek met Loege Schilder van Care IS Vermogensbeheer. Het gesprek gaat over waarom risico vaak wordt onderschat bij vermogensbeheer.

Kom erachter welke beheerder goed presteert en doe de vermogensbeheerscan.

In deze aflevering leer je:

  • De nummer 1 valkuil waar veel vermogende particuliere beleggers geld laten liggen of zelfs veel geld verliezen;
  • Welk risico kun of wil je lopen en wat is het verschil ertussen;
  • Waarom emotie een belangrijke rol speelt bij beleggen;
  • Hoe breng je jouw risicobereidheid als belegger in kaart?
  • Waarom beleggers vaak op verkeerde momenten afhaken;
  • Wat is de lange termijn bij beleggen volgens Loege Schilder;
  • Wanneer de kans op verliezen bij beleggen kleiner wordt;
  • Wat rente op rente effect doet voor jouw vermogen;
  • Waarom een uitgebreide inventarisatie bij vermogensbeheer van levensbelang is voor een goed rendement;
  • Wanneer en hoe moet je instappen met je vermogen;
  • Wat zijn kwaliteits-bedrijven waarin je volgens Loege zou moeten beleggen;
  • Wat is de belangrijkste levensles van Loege Schilder?

Genoemde links in deze aflevering:

VUVB POCASTSHOW AFLEVERING 5 – Waarom Wordt Risico Bij Beleggen Regelmatig Onderschat Met Loege Schilder

Welkom bij de VUVB Podcastshow, waarin je luistert naar experts die je voorzien van de beste informatie, tips en tricks om het rendement op je vermogen te optimaliseren.

Loege Schilder is van CARE-IS vermogensbeheer. CARE-IS heeft in 2015 de gouden stier gewonnen voor beste vermogensbeheerder.
CARE-IS belegt in ETF’s en onderscheidt zich door focus op risicobeheersing. Van 2016 kunnen klanten ook vanaf 15.000 euro beleggen via het duurzame Axento
.

Maurice:
Goedemorgen Loege Schilder van CARE-IS.

Loege:
Goedemorgen Maurice.

Maurice:
Vandaag gaan we het over het onderwerp risico bij beleggen hebben. Natuurlijk een ontzettend belangrijk onderwerp, want zonder risico ook geen rendement. Dus het is iets wat jullie waarschijnlijk dagelijks bezig houdt. Laten we maar gelijk starten met de volgende vraag. Wat is wat jou betreft de nummer 1 valkuil waar de meeste vermogende particulieren veel geld laten liggen of zelfs veel geld verliezen als het gaat om risico bij beleggen?

Loege:
Ik denk dat de meeste mensen het risico onvoldoende kunnen inschatten. En dat ze dan als het risico op treedt er mee geconfronteerd worden en dan automatische reacties laten zien. Wij onderscheiden risico en welke risico kun je lopen en welk risico wil je lopen? Wel risico kun je lopen? Dat is financieel. Als ik vermogen heb en ik heb het op een bepaald moment nodig dan moet het er wel zijn. Dat zie je bij pensioenen en uitkeringen. En risico… Welk risico wil je lopen? Dat is vooral wanneer lig je nou wakker?

Vooraf hebben mensen helemaal niet het idee dat ze heel zenuwachtig worden bij bepaalde bewegingen. Of juist andersom, dat ze zeggen: ik wil niet dat het teveel daalt, en als het dan gebeurd dan lig ik daar wakker van. Maar vooral de mensen die zeggen van: nou ja, ik weet dat het onzeker en dan komt er een Brexit aan en dan gaat in een keer… Oei… Als die Brexit komt, ga ik dan niet tegen grote verliezen aanlopen en wil ik dat eigenlijk wel?

En als ze dan wakker liggen, dan is het meestal verstandiger om toch de liquideren. Maar dat is dan vaak het verkeerde moment.

Maurice:
Ja, je ziet toch dat bij veel particuliere beleggers de emoties een rol gaan spelen en dat ze op de korte termijn gaan kijken. Want de korte termijn kan een flinke daling laten zien. Je hebt het net over de Brexit maar je zag toch in 2008 – het ultieme voorbeeld. Veel beleggers die 2008 niet hebben meegemaakt kunnen zich het ook moeilijk voorstellen. Een risico-inventarisatie is natuurlijk heel makkelijk in te vullen. Nou ja, ik kan prima 20% verliezen op 1 miljoen. Maar als het dan echt in de praktijk gebeurt, dan zie je toch dat beleggers vaak heel anders reageren.

Loege:
Dan is 1. En 2 is dat wat we nu al zien onder klanten, als je zenuwachtig wordt – en dat is nu bij de Brexit, valt het wel mee. In Europa weegt het wat zwaarder, maar wereldwijd trekken mensen zich er niet zoveel van aan. Maar bijvoorbeeld in 2015 toen de Chinese beurs zo hard onderuit ging, dan zie je toch wel dat mensen zichzelf daar leren kennen. En in 2008 was dat pas het begin. 2008 ging het eigenlijk 60% omlaag. Mensen kunnen zich dat vooraf helemaal niet voorstellen. Wat er dan allemaal gebeurt. Toen stond de hele wereld in brand. Vooraf kun je je geen voorstellingen maken bij wat nou gebeurt en uiteindelijk zie je toch dat veel mensen die nu bijvoorbeeld gaan beleggen omdat ze de spaarrente te laat vinden, maar misschien eigenlijk toch geen beleggers zijn, die haken dan af. En meestal op het verkeerde moment. Ik geef vaak het volgende voorbeeld. Dan zitten ze bij ons in de spreekkamer en dan de man zegt: ik denk toch dat we gaan beleggen. En dan zegt de vrouw: maar we hebben toch al eerder belegt – in 2008 – maar dat is niet zo goed afgelopen. En dan bij 10% verlies nemen mensen contact op: dit komt toch wel goed hè? Dat weet natuurlijk niemand. En dan zegt die man, ja dat komt toch wel goed. En dan zegt die vrouw: nou dat moet ik eerst maar eens zien. En bij -20% hebben we nog wel wat zwaardere gesprekken. En bij -30 zegt de vrouw: die belegging eruit of ik eruit.

Maurice:
Hahaha

Loege:
En dan ga je je verlies nemen op -30%. De grootste valkuil is dat je niet voldoende beseft hoe je risicohouding is. En dat is ook heel moeilijk om vooraf te zien, maar mijn boodschap is wel: blijf daarin gewoon vertrouwen op de lange termijn en zorg dat je niet je emoties de overhand laat nemen op het verkeerde moment.

Maurice:
En als je het dan hebt over de lange termijn. Lange termijn verschilt natuurlijk per klant, per doelstelling die ze hebben. Wat is wat jou betreft de lange termijn?

Loege:
Nou ja, wat mij betreft is de lange termijn toch wel minimaal 5 jaar. Voor een gespreide portefeuille, als je echt naar aandelen kijkt dan moet je minimaal 10 jaar hebben. En als je kijkt naar de recent gezien hebben van 2000 naar 2010 die daling. Maar in 2008 waren we alweer op niveau. 2008-2009 daalde het enorm en 2013 waren we alweer op niveau. Eigenlijk is het herstellend vermogen van de markt de laatste tijd best goed geweest.

Maar bijv. bij The Great Impression, dan gaan we wat langer terug naar 1920. Toen duurde het wel 20 jaar tot we weer op niveau waren. Het is moeilijk te zeggen, maar wij zeggen wel: om te gaan beleggen defensief beleggen minimaal 3 jaar, liever minimaal 5 jaar. En als je offensief gaat beleggen minimaal 10 jaar.

Maurice:
En het liefst misschien ook wel langer. Want hoe langer je de termijn eigenlijk trekt, hoe kleiner de kansen op verliezen worden op de lange termijn.

Loege:
Ja, zeker. Naar mate dat het langer duurt, kom je dichter bij het gemiddelde van het rendement. Maar de andere kant is het rente op rente-effect. Uiteindelijk ga je beleggen om hoog rendement te maken en het rente-op-rente-effect krijg je er dan zeg maar gratis bij. Het rente op rente effect ligt zoveel sterker op langere looptijden dan op kortere looptijden, dat het gratis erbij komt.

Maurice:
Ja, en daarom is het heel belangrijk dat je ook vasthoudt. En als je dan kijkt naar de praktijk. Je geeft al aan: er zijn beleggers die blijven uiteindelijk bij een risicoperceptie op de korte termijn. En dat toch anders is dan ze in de eerste instantie hebben aangegeven. Hoe ga je daar dan in de praktijk mee om? Met zo’n klant. Als hij zegt: nou, ik wil toch uitstappen of het risico is mij toch te groot, de portefeuille is mij toch te beweeglijk… Hoe ga je daar dan in de praktijk mee om?

Loege:
In principe hebben wij minimaal 1x per jaar een evaluatiegesprek waarin we het risico even tegen het licht houden. Dus uiteindelijk in het slechtste geval na één jaar wordt dat risico bijgesteld als het een risico blijkt te zijn. Op het moment dat de klant vooraf aan de bel trekt, dan gaan we sneller bij elkaar zitten. Dat is zeg maar hoe wij het doen.  Aan de andere kant, vooraf is het natuurlijk onze belangrijkste rol dat we toch proberen met een aantal voorbeelden, dat we zeggen: hoe zou je je in zo’n situatie reageren? Dus inventarisatie is cruciaal en als mensen twijfelen zeg ik heel vaak: begin dan voorzichtiger, want risico bijschaven… Als het risico je meevalt, dat je tot de conclusie komt dat je toch een hoger risico wilt, dat is prima. Dan is het waarschijnlijk goed gegaan, dan concludeer ik dat je eigenlijk toch wel meer risico kunt lopen. Nou, prima dan heb je wat opportunity (kansen) gemist. Maar aan de andere kant, risico terug-schaven… Dan heb je waarschijnlijk een negatieve beursperiode gehad en heb je verlies geleden. En dan is het heel lastig om je risico terug te schaven, want de meeste mensen willen het verlies weer goedmaken. En met een lager risico duurt dat vaak toch wat langer. Wij zeggen altijd vooraf: we zitten aan de voorzichtige kant.

Maurice:
En dat is natuurlijk het lastige. Wat je zegt: als achteraf blijkt dat het risico te hoog is geweest, dan loop je eigenlijk achter de feiten aan en daaruit blijkt ook uit de praktijk dat geen enkele belegger verlies wil lijden en dat het erbij hoort, dat is iedereen wel bekend. Alleen sommige accepteren dat toch niet helemaal.

Loege:
Je moet van tevoren, voordat je eigenlijk de relatie aangaat, voor je de portefeuille gaat invullen, moet je gewoon heel goed samen stilstaan bij wat de wens van de klant is. En soms weet ie het zelf, en soms heeft ie het zelf niet goed in beeld. Wat zijn je doelen? Wat is je looptijd? En wat is je risicohouding die je wilt lopen en die je kunt lopen? En dan, ik denk dat dat misschien wel onze belangrijkste toegevoegde waarde is.

Maurice:
Om dat goed in kaart te brengen en daar beleggers voor te behoeden, dat ze niet te veel of te weinig risico gaan lopen. Aan de andere kant is het natuurlijk ook zo dat op het moment dat je te weinig risico loopt, maar je hebt een horizon van 10-20 jaar en je hebt een bepaalde doelstelling die je wil gaan behalen – bijv. het opbouwen van je pensioen – dan moet je op een gegeven moment een bepaald risico lopen om je doelstelling te kunnen behalen. Dat is natuurlijk de andere kant van het verhaal.

Loege:
Maar dat is natuurlijk nooit zo ingewikkeld hè. Dus als je zegt: jij wil op je 60e met pensioen, dan heb je 1,2 miljoen nodig om 60.000 euro te omtrekken gedurende de rest van je leven. Als je gaat sparen dan moet je per jaar 25.000 euro storten. Maar als je gaat beleggen dat kun je met 18.000 kom je er. Dan is het voor diegene een redelijk eenvoudige afweging, wat hij dan wil. Dat maakt mij uiteindelijk niet uit of hij voor weinig risico of voor veel risico kiest. Maar er zitten gevolgen aan vast. En als hij maar lang genoeg de tijd neemt, dan zijn ze meestal wel bereid om dat risico te lopen. Zeker ook omdat als je dan tegen een grote daling aan loopt, en je stapt periodiek in, dan koop je ook weer goedkoper aan.

Maurice:
Kun je dat iets meer toelichten?

Loege:
Jazeker. Stel even iemand die stort jaarlijks 25.000 euro. Hij begint met 10 jaar en hij zit voor 100% in aandelen en de beurs daalt met 50%. Dan gaat zijn vermogen naar € 12.500. Maar vervolgens kan hij 2X zoveel aandelen kopen van zijn 25.000 euro storting in het eerste jaar. Hij heeft zeg maar 3 aandelen, als de beurs dan weer aantrekt naar € 25.000, dan is zijn eerste tranche weer op niveau, maar zijn tweede stukje wat hij zeg maar voor de helft heeft gekocht, daar heeft hij dan weer 100% rendement op gehaald.

Maurice:
Ja, en als je dat theoretisch zo bekijkt en benadert klinkt dat vrij logisch. Maar in de praktijk zie je vaak dat beleggers zeggen: ja die beurs is nu 10% naar beneden gegaan, ik blijf nog maar even aan de zijlijn staan, want ik weet toch niet wat er gaat gebeuren. Jouw advies is dan in zo’n situatie, gewoon toch in te stappen en gestaag te gaan beleggen?

Loege:
Mijn advies is eigenlijk altijd: houd je aan het plan. En ook daar geldt weer: als je van tevoren hebt vastgesteld: ik heb mijn storting nodig jaarlijks om op mijn doel uit te komen, en het loopt anders dan je gedacht had, maar je hebt nog lang de tijd en de kansen zijn niet enorm veranderd, houd je dan toch aan het plan. Zeker als die looptijd nog lang is. Als die looptijd korter is, ja dan moet je wel gaan bijsturen natuurlijk. Als je nog 5 jaar looptijd hebt voordat je gaat onttrekken, dan moet je je risico gaan bijtrekken. Want dan kun je je niet meer permitteren dat je rendement zoveel omlaag gaat. Dus als je dan zorgt dat je die grote dalingen niet meer hebt. Want 1, je kunt niet meer zoveel bijstorten. 2, je hebt niet meer zoveel tijd om het eventueel weer goed te maken. Dus de remedie is dan minder risico nemen. En dat is dan ook weer de uitdaging. Dus in de deze tijd met lage rente, dan zeggen mensen ook weleens: he, wacht eens even. Die rente is zo laag, waarom zou ik niet op obligaties overgaan. En als je ze dan uitlegt: toen der tijd ging het zo, en dit is dan het gevolg voor je pensioen, dan zijn ze uiteindelijk toch wel redelijk overtuigd.

Maurice:
En dan heb je het natuurlijk over risico. En dan heb je het met name over het risico dat je portefeuille in waarde gaat dalen, dat je beweeglijkheid hebt in de beurzen. Hoe gaan jullie daar dan mee om qua beleggingsbeleid? Want je ziet dat er verschillende type en soorten vermogensbeheerders zijn. Er zijn beheerder die zeggen, nou als het naar beneden gaat da proberen wij op het juiste moment uit te stappen. Dat is natuurlijk heel erg lastig. Je ziet ook partijen die over de lange termijn belegd blijven ook als de markt naar beneden gaat. Hoe gaan jullie daarmee om?

Loege:
Wij zitten er eigenlijk een beetje tussenin. Wij zeggen wel… Een van onze kernpunten is dat we vermogensbehoud  hebben. Vermogensbehoud vinden we belangrijker dan extreme vermogensgroei. Wij weten ook dat het moeilijk is om uit te stappen. De andere kant is, als het 2008 is, dan kun je tot zulke enorme verliezen komen en dat duurt dan zo lang tot je het weer goed maakt. Het loont dan echt ook niet… Wij hebben een soort combinatie van die twee. Dus enerzijds hebben wij in onze portefeuille, proberen wij die titels te kopen die niet extreem hoog gewaardeerd zijn. Dat is stap 1: je koopt titels waar je gewoon een net rendement krijgt. Stap 2 is dat binnen zo’n categorie die titels kopen die minder gevoelig zijn voor een dalende beurs. Dat zal ik zo uitleggen. En stap 3 is als het echt allemaal in brand staat is het toch verstandig om een paar stapjes van het vuur weg te gaan.

Maurice:
Het moment om dat te bepalen is natuurlijk vrij lastig. Want in 2008 ook, daar zag je het op een aantal dagen zulke extreme dalingen naar voren komen…. Ga je dan nog uitstappen?

Loege:
Ik denk dus dat je daarvoor al moet zijn uitgestapt. Dus als het op die dag dat Lehman valt, dan is het al vrij ver. Maar ruim daarvoor hadden we al issues gehad met Bear Stearns die tot flinke koersbewegingen leiden. Dus, als je dat helemaal terug organiseert, dan was er al een half jaar vóór dat er echt een grote beweging kwam, was er al behoorlijke turbulentie. Er was al een behoorlijke beweeglijkheid. Wij zeggen dus ook: is er beweeglijkheid? Is er risico op de beurs? Kunnen wij dat op een manier verklaren? Want het kan natuurlijk ook een handelaar zijn die een dikke vinger heeft. Als dat het niet is, dus als er een goede verklaring is waarom die beweeglijkheid er is. Dan maken wij een inschatting. Verwachten wij dat het kan leiden tot een financiële crisis? En als dat zo is, dan moeten we daar onze maatregelen op nemen. Om het iets praktischer te maken. Bij de Brexit hebben wij gezegd: de kans dat het komt is niet zo groot, en als hij komt is de impact op het wereldtoneel, voor de economie, niet zodanig dat we in een financiële crisis terecht komen. Dus daar nemen wij geen actie op. We zitten vandaag op de dag van het Brexit referendum. Als hij toch komt, gaan we dat natuurlijk opnieuw bekijken. Een ander geval was bijvoorbeeld vorig jaar toen de Chinese economie onder druk kwam te staan. Dus toen hadden we een mogelijke harde landing van de Chinese economie die inmiddels de grootste ter wereld is. We hadden Diesel problemen, en problemen bij Volkswagen waar 1 miljoen mensen in hun inkomen direct van afhankelijk zijn. We hadden de vluchtelingenproblematiek in Europa. En ook de lage olieprijzen, wat misschien een aantal landen onder druk kon zetten zoals Rusland en Brazilië. Toen hebben wij gezegd: al deze ingrediënten bij elkaar is voldoende. Dat kan met een redelijke kans tot een financiële crisis leiden, dus halen wij het grootste gedeelte van onze klanten gedeeltelijk uit de markt. Dus voor ons is het cruciaal: zien wij een financiële crisis? Inklappende winsten van bedrijven? Als we dat zien, dan bewaren wij even onze rust.

Maurice:
Ja, op basis van risico ga je dus eigenlijk een analyse maken. Wanneer stap ik uit? En wanneer wordt het eigenlijk mij en dus ook mijn klanten te heet onder de voeten en proberen jullie daarop te anticiperen. Met het gevolg dat je een keer fout kan zitten.

Loege:
Die crisis komt niet in alle gevallen. Soms is de politiek of de centrale bank krachtig genoeg om het weer op te lossen. En soms zijn de problemen zo groot dat ze het niet kunnen oplossen. De ene keer komt ie wel, de andere keer komt ie niet. Dat weet je natuurlijk nooit van tevoren. Dat is net als met verzekeringen. Je weet nooit van tevoren of je huis afbrandt, maar je wil er wel voor verzekerd zijn. Dat is eigenlijk het idee. Dus stap 1 is: vandaag staatsleningen, de Duitse 10-jaars-rente was vorige week onder nul. De Zwitserse 30-jaars-rente was vorige week onder nul. Als je dat gaat kopen dan weet je dus dat je rendement beperkt is. En als de rente weer een keer gaat stijgen, dat de koersdalingen best aanzienlijk kunnen zijn. Dat zijn bijvoorbeeld risico’s waarvan wij zeggen: die gaan we niet lopen. De koersen zijn enorm hoog en het rendement is betrekkelijk laag. Maar dat risico hoeven wij niet te lopen. Hetzelfde geldt voor vastgoed. Dat is ook hartstikke duur tegenwoordig. Als het super hoog gewaardeerd is, dan is het risico op een koersdaling groter. Dat risico gaan we dan uit de weg.

Maurice:
Het is alleen natuurlijk lastig om dat te bepalen. Want vastgoed is natuurlijk een aspect… het staat hooggewaardeerd, maar de afgelopen tijd….

Loege:
Het kan nog een stuk hoger, dat klopt. Diegene die voor deze rendementen dit risico wil lopen, die mag van mij ook dat rendement verdienen. Maar wij zeggen: ja, een deel van risicobeheer, is de zaken die te hoog staan, niet kopen.

Maurice:
Ja, helder.

Loege:
Dat is dan stap 1. Stap 2 is binnen de portefeuille die titels kopen die wat minder gevoelig zijn voor koersdalingen. En wat ik daarmee bedoel zijn bijv. quality-aandelen. Dat zijn aandelen die een goede winstgevendheid hebben, dus een goede winstgroei en een goede winstmarge.  Dus die bedrijven, bijv. Coca Cola. Een voorbeeld daarvan is Black Rock en Nike. Dat zijn bedrijven die hebben een goede winstmarge, een sterk merk meestal ook. Maar op het moment dat de economie dan wat tegen zit, en ze moeten hun prijzen wat verlagen… Dan is de winstmarge nog groot genoeg dat ze toch nog een stukje winst halen. Je hebt daar tegenover bedrijven, bijv. een heleboel productiebedrijven, die een hele kleine winstmarge hebben. Stel nou dat die beurs omlaag gaat, dan zijn wij snel geneigd om afscheid te nemen van een bedrijf met een kleine winstmarge en dan duiken we in de veilige aandelen met een grotere winstmarge. En die bedrijven blijven dan veel beter liggen. Andere bedrijven die wat defensiever zijn, zijn bijv. minimum volatitity (minimale volatiliteit) aandelen. Dat zijn Mac Donalds en Microsoft. Dat zijn bedrijven die hebben eigenlijk niet zoveel te maken met de brede economie omdat ze zo’n positie hebben. Dat gaat eigenlijk altijd wel goed. In tegenstelling tot bedrijven die juist wel heel afhankelijk zijn van beurzen. Misschien een iets ouder voorbeeld, UPC. Die was enorm aan het investeren om maar klanten te krijgen, en het maakte niet zoveel uit of die klanten op de lange termijn pas winstgevend waren. En ze bouwde toen een schuld op tegen die tijd, in 2000. Zo lang die beurs steeg, was er kapitaal genoeg om dat te financieren. Dus de beurs ging omhoog en zij hadden meer kapitaal om nieuwe klanten aan te sluiten. En toen de beurzen een keer daalde, toen ging het helemaal de andere kant op natuurlijk. Dus dat zijn de bedrijven die gaan sneller omhoog als de beurs stijgt, maar ook sneller omlaag als de beurs daalt. En wij kiezen liever voor bedrijven die in stijgende beurzen misschien wat achterblijven maar wel gewoon een net rendement laten zien, maar in dalende beurzen ook niet zo hard zakken en ook dat rendement laten zien. Zo kun je in je portefeuille wat minder risico inbouwen. Zodat als het allemaal wat moeilijker wordt, je toch een net rendement kunt laten zien.

Maurice:
Ja, en naast dat risico. Want dat is specifiek risico. Er zijn natuurlijk ook andere risico’s. Kun je nog twee belangrijke tips geven bij beleggen die ervoor zorgen dat particuliere beleggers in ieder geval niet onnodig veel risico lopen zonder dat ze het zelf weten? Want dat is vaak wat er gebeurd.

Loege:
Kijk, misschien hebben we inderdaad 2 stappen overgeslagen. Maar stap 1 is natuurlijk spreiden. Spreiden, spreiden, spreiden. Je moet gewoon zorgen dat je minimaal honderd, en misschien wel minimaal 500 bedrijven gespreid bent. Want als je de AEX staat bijv. voor 25 bedrijven, maar ja je zag hoe vorig jaar de olieprijs zakte, wat een impact dat kan hebben op de Shell. Maar bijv. bedrijven als InTech, dat had natuurlijk nog een veel grotere impact. En als je maar een beperkt aantal bedrijven in je portefeuille hebt, dan kan een uitglijder van dat kaliber kan ervoor zorgen dat je wel twee jaar bezig bent om weer op niveau te komen. Door goed te spreiden zal je ook wel eens een faillissement  in je portefeuille hebben, maar dan is het wel maar een heel klein stukje van het totaal. En de andere bedrijven die je in je portefeuille hebt, die houden het dan wel weer overeind.

Maurice:
Ja, zodat je het niet zo erg merkt in je performance.

Loege:
Ja, waardoor je vermogen altijd op een bepaald niveau blijft en je dus nooit geconfronteerd wordt met extreme verliezen.

Maurice:
Want je gaf net al aan wat individuele titels, individuele bedrijven zoals een Mac Donalds, maar ook een Nike. Jullie beleggen middels ETF’s. Voor de beleggers die niet weten wat het is, kun je dat even kort toelichten?

Loege:
Zeker. Dat is een mandje waarmee een index wordt gekopieerd. Vroeger had je beleggingsfondsen waarbij de beleggingsfondsmanager een selectie van aandelen selecteerden. Daar deed hij research naar. En dat was over het algemeen best kostbaar. En die kosten gingen af van het rendement van de klant. Nou op enig moment zijn er indexbeleggers gekomen. Die zeggen eigenlijk: de waarde van die bedrijven is redelijk goed, omdat er continu de beste prijs wordt geprobeerd in te schatten door wie er handelt. Dus als ik die index heb, de AEX, die geeft een goede weergave van aandeelbeleggen in Nederland. De S&P 500 geeft een goede weergave van aandeelbeleggingen in Nederland en de VS. Dus als ik dan maar gewoon die index kopieer. Dan weet ik dat ik goed gespreid ben, en dat ik het rendement krijg wat aandeelbeleggers in Amerika en Nederland krijgen. En omdat dat een vrij overzichtelijk proces is, het kopiëren van de S&P 500 of de AEX, kan dat tegen hele lage kosten. En wat het voordeel is van de ETF’s, die hebben een doorlopende verhandelbaarheid. Dus daar kun je continu in en uitstappen, waardoor je continu weet wat de prijs is, maar ook continu eventueel uit kunt stappen indien dat nodig is. Dus ETF’s zijn continu verhandelbare mandjes van aandelen die samengesteld zijn volgens een bepaalde index. En die goedkoper zijn liquide. Daar beleggen we met name in. En dat is meteen ook een volgend risico. Je zei net kun je twee risico’s geven.

Het volgende risico is liquiditeit. En dat is toch vaak een onderschat risico. Want als het goed gaat kun je gemakkelijk uit een bepaald positie stappen, maar als het minder goed gaat, dan kun je toch vaak niet bij je geld komen. En dat hebben we in 2008 genoeg voorbeelden van gezien. Heel veel van de instrumenten waren toen opeens niet meer verhandelbaar, of met 10% korting. En soms ook wel met 20. Dat wil je natuurlijk niet. Dus wij zorgen dat de instrumenten in onze portefeuille, die hebben altijd gewoon een goede prijs. En beleggers pas op met instrumenten, met vakantiehuizen, met crowdfunding, pas op wat je doet met geld, wat je echt gedurende een langere tijd kunt missen. Want als je onverhoopt morgen je geld nodig hebt, omdat je opeens het huis van de buurman kunt kopen of omdat je kind een huis gaat kopen en je wil bij-financieren. Dan kan je of niet bij je geld of als het al moeilijker wordt tegen een flinke korting, en dat is het risico dat vaak onderschat wordt.

Maurice:
Ja, daar geldt eigenlijk ook spreiden, spreiden, spreiden plus kom je eigenlijk ook weer terug op de basis die je net aan gaf. Maak van tevoren een hele goede inventarisatie en bepaal van tevoren heel goed wanneer, wat, en welk geld je wel en niet nodig hebt. Zodat je dat dus ook op de juiste manier over de verschillende beleggingscategorieën kan verdelen.

Loege:
En accepteer of onderken dat het liquiditeitsrisico een risico is waar een vergoeding tegenover moet staan. Dus als je moet kiezen tussen een instrument dat dagelijks verhandelbaar is of een instrument waar je bij aankoop 3 jaar niet uit kan. Je kunt er dan dus 3 jaar niet uit. Dat betekent gewoon 1 tot 1.5 procent meer rendement dan op dat andere instrument. En als je dat krijgt is het niet erg hé. Om dat risico te lopen, als je het kunt lopen.

Maurice:
Ja, precies. En Loege, we zitten alweer bijna aan een half uur en we willen het ook niet al te lang maken. We sluiten altijd af met de belangrijkste levensles. En ik ben heel erg benieuwd: wat is nou de belangrijkste levensles, of inzicht, die jij hebt gehad, die jouw leven destijds volledig op zijn kop heeft gezet?

Loege:
Ja, voor mij is de belangrijkste levensles de financiële crisis in 2008 geweest. Ik was elders werkzaam in 2008. En ik ben 1 jaar later in 2009 als ondernemer gestart. En in dat jaar 2008, en het begin van 2009 heb ik denk ik wel het meeste geleerd van mijn werkzame leven. En dat ging op allerlei gebieden variërend. Dat eerste, de liquiditeit. Dat risico in 2008, toen Lehman failliet ging, nam de handel tussen banken enorm af waardoor de handel in instrumenten minder werd en je dus in een keer werd geconfronteerd met waar je vroeger ergens voor 100 in kon, en voor 99 uitging, je nu voor 102 in kon en kon je er voor 92 uit. Die marges namen enorm toe. Toen heb ik geleerd hoe het zo snel mogelijk kan rollen en hoe dat door kan gaan. Als je mij van tevoren had gevraagd: zal die crisis zo’n impact hebben? Dan had ik dat nooit van tevoren gedacht. Het kan echt, waar we het straks ook over hadden, als die beurs 20% gezakt is, dan kan het echt nog door naar -60. Dat hebben we in 2008 weer opnieuw geleerd. Maar wat je ook in 2008 had… Vóór 2008 had je heel veel ingewikkelde, geproduceerde producten en daar was een geweldig verhaal bij, maar toen het moeilijk werd, toen vielen al die cascades weg en toen bleef gewoon over dat er veel bonussen bij investment-banks tegenover stonden. Houd dingen eenvoudig heb ik toen geleerd.

Maurice:
Zorg dat je het begrijpt.

Loege:
Zorg dat je weet wat je doet. Zorg dat je het begrijpt. Als het 3x in de rondte moet, zonder duidelijke toegevoegde waarde, doe het dan niet. Zorg dat terug kan worden gebracht tot een eenvoudige vergelijking. Als je aandeelrisico bent, neem je risico. Half om half rendement. Duidelijk eigenlijk. Breng het terug naar economische wetmatigheden. En voor 2008 waren de kosten aanzienlijk hoger dan tegenwoordig. Dat kon toen misschien nog omdat de rente hoger lag, de absolute rendementen lagen hoger dan nu. Maar goed, toen de beurzen zakte, toen zag je ook: die klant moet nu zo’n rendement maken om die kosten goed te maken en weer op niveau terug te komen, dat kan bijna niet. Dus toen wij 1 januari startte, hadden we ook zoiets van: die kosten moeten lager. Dat gaat niet zoals dat in het verleden is gegaan. Al die woekerpolissen e.d. logisch dat dat op enig moment barst, want die kosten waren gewoon te hoog. En het is heel makkelijk achteraf om met de kennis van vandaag het verleden te veroordelen, dat wil ik ook niet doen. Maar voor mijn was 2008, toen kwam eigenlijk alles aan de oppervlakte. Hoe kan je dat mooi zeggen. Als het water terugloopt, dan zie je wie er zwemt zonder zwembroek. Dat was toen heel duidelijk. Ik heb in 2008 heel veel geleerd wat ik hoop de rest van mijn leven mee te nemen. We weten ook allemaal, de historie herhaalt zich. Ik hoop dat we niet teruggaan naar de gebruiken van 2007 en dat we gewoon het product blijven voeren met deze industrie. En misschien nog wel wat meer gaan voeren met deze industrie, waar het klantenbelang voorop staat.

Maurice:
Ja, precies. En dat is wat jou betreft dus voor 2008 in ieder geval minder het geval.
Is dat voor jou ook de reden geweest om voor jezelf te beginnen?

Loege:
Uiteindelijk wel ja. Er waren begin 2009 heel weinig producten waar je gewoon niets van kon vinden, geen belangen, tegenstellingen, vermogensbeheer kosten, geen performancefee, geen goede spreiding, geen ingewikkelde producten, geen liquiditeit. Die waren er gewoon bijna niet. Het was op een handje te tellen. En omdat wij het idee hadden de pensioenen worden minder, de overheid trekt zich terug, zagen we die kans wel. Om dat op een goede manier in de markt te zetten. En uiteindelijk is dat denk ik gelukt. Met als voorlopig hoogtepunt die gouden stier in 2015 van beste vermogensbeheerder.

Maurice:
Ja, dat is dan wel een eerbetoon.

Loege:
Zeker, zeker. En weet je, uiteindelijk wil je gewoon elke dag een beetje beter, wil je elke dag het beste doen voor je klanten. Maar als dat dan op zo’n manier beloond wordt, dan wil je daar natuurlijk wel even bij stilstaan.

Maurice:
Nou, oké Loege. Ontzettend bedankt voor de toegevoegde waarde en de informatie die hebt gegeven. Ik denk, en hoop in ieder geval, dat het begrip risico wat duidelijker is geworden. Al blijft het natuurlijk altijd een heel lastig iets. Waar je rendement wil, daar loop je gewoon risico. Ik wil je in ieder geval hartstikke bedankt voor de toegevoegde waarde en we spreken elkaar vast en zeker in de toekomst.

Loege:
Oké, jij ook bedankt voor je tijd. Mocht je hier nog een keer over willen praten, dan weet je me te vinden. Ik vond het een leuk gesprek.

Maurice:
Dat zal ik zeker doen en dat is wederzijds Loege.

Loege:
Fijne dag en tot ziens!

Maurice:
Hetzelfde!

Bedankt voor het luisteren naar onze podcast met Loege Schilder van CARE-IS.

Zoals je hebt gehoord is risico bij vermogensbeheer toch wel een ondergeschoven kindje. Het wordt vaak onderschat en daarom is het belangrijk dat zowel de inventarisatie voor je gaat beleggen van je financiële situatie, maar ook van je risicobereidheid en je totale plan goed in kaart worden gebracht en vervolgens dat je terecht komt bij een vermogensbeheerder die ook op de juiste manier voor je gaat beleggen. Mocht je daarvoor ondersteuning nodig hebben, ga dan naar onze website www.vuvb.nl/beleggen

Uiteraard kun je ook naar de website van CARE-IS gaan en de website staat in onze show-notes op onze website.

Ik bedank je voor het luisteren naar onze podcast en ik hoop je er volgende keer weer bij te hebben.

Tot de volgende keer!